Lange tijd verdwenen eiwitbasisstoffen die voortkwamen uit de industriële verwerking van melk, in veevoer. Wei is hiervan een mooi voorbeeld.
Door commercieel in te spelen op de vraag naar extra eiwit onder consumenten, klom wei op van brijvoercomponent voor varkens tot een hoogwaardig ingrediënt voor eiwitverrijkte levensmiddelen. Een opsteker voor de zuivel: meer aan eiwit verdienen zonder er meer van te produceren. In de VS is de zuivelmarkt door de eiwithype inmiddels meer eiwit- dan vetgedreven. Friesland Campina investeert in drie fabrieken in Nederland om daar hoogwaardige eiwitcomponenten te maken. Deze eiwithype is wellicht blijvend.
Het ruweiwitgehalte van Nederlandse melkveerantsoenen daalde ondertussen van 167 gram per kg drogestof in 2020 naar 158 gram in 2025, aldus praktijkpilot Koe & Eiwit. De stikstofefficiëntie op bedrijfsniveau steeg in de Nederlandse melkveehouderij tussen 2006 en 2017 van 45 naar 55 procent en bleef sindsdien redelijk stabiel. Het eiwitgehalte van de melk daalde niet. De melkveehouderij is eiwit dus efficiënter gaan produceren. Tegelijkertijd krijgen we er meer geld voor.
WUR-onderzoeker Marco Mensink kijkt met verbazing naar al die eiwitverrijkte producten in de supermarkt, naar de potten eiwitpoeder op de plek waar vroeger de tabak lag, zo schrijft Nemo Kennislink. Het voedingsadvies is 0,83 gram eiwit per dag per kg lichaamsgewicht. Ouderen, topsporters en mensen die volledig plantaardig eten, mogen wat meer. De Nederlander gaat daar echter in ruime mate overheen: mannen met zo’n 55 procent, vrouwen met 40 procent. Toch stimuleert de retail om extra eiwit te consumeren.
Een overschot aan eiwit in het humane dieet wordt deels omgezet in energie of vet. Het stikstofdeel wordt in de lever omgezet in ureum en via de urine uitgescheiden. In urine is ureum relatief stabiel, maar vermengd in het riool ontstaan ammoniak en lachgas. Niet anders dan in de mestkelder. De klimaatschade die de melkveehouder voorkomt met rantsoenen met minder ruw eiwit en emissiearme technieken, doet de eiwithype voor een klein deel teniet.
WUR-onderzoeker Kimo van Dijk richt zich op meststoffen uit humane excretie. Hij is lang niet de enige die werkt aan een nieuwe circulaire stikstofmeststof die stikstofkunstmest kan vervangen. Met deze nieuwe meststof kan de landbouw met wederom minder stikstof uit kunstmest eiwitten produceren waar de moderne consument om roept. Maar ook vezels, vitaminen en sporenelementen, zoals zink, ijzer en seleen. Daarin schuilen wel daadwerkelijk tekorten in het westerse voedselpatroon.
Intussen voelt het wrang de consument voor te houden dat meer eiwitconsumptie nodig is, terwijl dat klimaatschadelijk en de melkveehouderij alles doet om er spaarzaam mee om te springen.






