Management | Premium

Koegebonden opfok met pleegmoeders

De Deense Familie Lassen wilde het direct na de geboorte scheiden van het kalf en de koe niet langer verdedigen. Daarom blijven de kalveren op hun bedrijf nu eerst bij hun eigen moeder en daarna bij een pleegmoeder.

“We zijn erg toegewijd aan een goede relatie met de burger. Daarom geven we rondleidingen over het bedrijf. Vaak werd me gevraagd op welk moment ik de kalveren bij de moederkoe weghaal en vervolgens waarom ik dat doe”, vertelt Gert Lassen. “Ik wilde mezelf niet meer hoeven rechtvaardigen voor het direct scheiden, daarom zijn we in januari 2019 van start gegaan met koegebonden opfok.”

Bedrijfsgegevens

  • Bedrijf: Ellinglund Økologi
  • Plaats: Silkeborg; Denemarken
  • Veestapel: driewegkruising met Holstein, Montbéliarde en Roodvee
  • Melkkoeien: 370 waarvan 25 pleegmoeders
  • Productie per koe: 10.500 kg ECM
  • Personeel: 6 V.A.K.
Gert Lassen, melkveebedrijf Ellinglund Økologi, Denemarken.

Doordacht systeem

Het is lawaaiig als je de opfokstal van familie Lassen binnenloopt. De medewerkers halen de 14 dagen oude kalveren bij hun moeders weg en plaatsen ze bij pleegmoeders. Tot dat moment was het kalf bij de moederkoe in een separate box. De kalveren lijkt de afscheiding van hun moeder niet te deren. “Ze zijn rustig en tevreden zolang ze een goed gevuld uier voor de neus hebben”, weet Lassen. “Van welke koe de uier is, maakt de kalveren niets uit.” De moederkoeien ervaren de scheiding anders. Ze roepen hun nakomeling luid na als ze worden verplaatst naar de lactatiegroep.

Eerst blijvend e kalveren bij hun eigen moeder in een eigen strobox. De koe wordt driemaal daags in de carrousel gemolken.

De opfok in de diepstrooiselstal verloopt als volgt:

  • Het kalf verblijft de eerste twee weken met de moederkoe in een individuele box.
  • De moederkoe wordt in deze periode driemaal daags gemolken; tussen de tweede en derde melkbeurt verblijft ze in de afdeling van de lacterende koeien.
  • Na 14 dagen wordt het kalf toevertrouwd aan een pleegmoeder.
  • Een pleegmoeder bekommert zich om zo’n vier kalveren. Er worden altijd twee pleegmoeders met acht kalveren samen gehuisvest.
  • Het kalf blijft de volgende vier tot zes weken in de groep met de twee pleegmoeders en acht kalveren.
  • De pleegmoeder wordt met ‘haar‘ vier kalveren verplaatst naar de grote groep met acht tot tien pleegmoeders en dus 32 tot 40 kalveren. Deze groep gaat van april tot oktober een uur per dag naar de wei.
  • Na vier tot vijf maanden worden de kalveren van de pleegmoeder gespeend. Om dat in stappen te doen, worden zoveel pleegmoeders uit de groep gehaald, dat tien kalveren per pleegmoeder zuigen. Na deze fase gaan de kalveren naar de jongveestal.

Interessant is dat de kalveren ook bij andere koeien drinken. Gert Lassen ziet dat veel kalveren kiezen voor de uier van een andere pleegmoeder als ze in de grote groep komen en van de ene op de andere dag niet meer bij ‘hun’ pleegmoeder drinken, maar kiezen voor een ander uier.

Slechts weinig pleegmoeders terug naar lactatiegroep

In het begin heeft Lassen één en ander uitgeprobeerd en leergeld betaald. “Ik dacht dat als ik koeien met een hoog celgetal of klauwproblemen tijdelijk als pleegmoeder inzet, ik twee vliegen in één klap zou slaan. Probleemkoeien konden herstellen en de kalveren konden bij de koe blijven. Helaas kunnen de meeste koeien na een jaar als pleegmoeder niet zonder problemen herintegreren in de lactatiegroep. Ook de uiergezondheid verbetert helaas niet. Bovendien laten veel pleegmoeders de melk niet meer schieten in de carrousel. Slecht zo’n 20 procent ervan komt weer terug in de koppel”, schetst de biologische melkveehouder. “De andere 80 procent wordt alsnog afgevoerd.“ Niet geschikt als pleegmoeder zijn koeien die in de melkstal geen aanraking van de uier dulden, deze koeien laten zich ook niet door kalveren zuigen.

Sociaal getrainde kalveren

Een nadeel van de moedergebonden opfok is de hoeveelheid ruimte die nodig is. Dat verhoogt de opfokkosten alsook dat de kalveren zoveel volle melk kunnen drinken als ze willen. Omdat het bedrijf van Lassen (Ellinglund) biologisch is, moeten de kalveren sowieso relatief lang aan de volle melk blijven.

Ook de monitoring van de kalveren verloopt nu moeizamer. Nu wordt dat gedaan als de moederkoeien gemolken worden of in de grote groep als ze op de wei zijn. De tijd die voorheen nodig was om de kalveren te voeren, gaat nu op aan de vele verplaatsingen van koe en kalf.

De voordelen van deze opfokmethode ziet Lassen in de goede uiergezondheid. Diarree is geen probleem meer. Ook de groei per dag is hoog en de kalveren zijn sociaal beter getraind. In de groep spelen ze aanzienlijk meer en door de weidegang ervaren ze het omgaan met mensen, om opgedreven te worden, schrikdraad en grazen. De kalveren zijn meer mensgebonden, dat vergemakkelijkt de omgang met ze.

De grote groep met acht tot tien pleegmoeders gaat in het weideseizoen dagelijks met kalveren naar buiten.

Tekst en foto’s: Theresa Hagemann

Je hebt zojuist een Premium artikel gelezen.
Het aantal premium artikelen dat je kunt lezen is beperkt. Wil je meer Premium lezen? Maak dan een gratis profiel aan.
Dit Premium artikel krijg je cadeau. Onbeperkt lezen? Nu proberen
Over de auteur: Wilbert Beerling
Wilbert Beerling groeide op een melkveebedrijf op. Sinds 2011 werkt Wilbert bij AgriMedia waar hij nu zorg draagt voor de samenstelling van de vakbladen Elite...
Meer over:
Management
Deel dit bericht: Facebook Twitter LinkedIn

Elite Nieuwsbrief

Nieuwsbrief Meld u aan voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van de ontwikkelingen op het gebied van melkvee.