Canadese melkveehouders kunnen via genetische selectie daadwerkelijk fokken op koeien die minder methaan uitstoten. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van Lactanet Canada en de Guelph Universiteit in Ontario waarin de Canadese fokwaarde voor methaanefficiëntie bij Holsteinkoeien is getoetst aan gemeten methaanemissies.
Lactanet Canada introduceerde in april 2023 als eerste ter wereld een officiële genomische fokwaarde voor methaanefficiëntie bij Holsteins. De fokwaarde is grotendeels gebaseerd op voorspellingen van de methaanuitstoot aan de hand van mid-infraroodmetingen (MIR) van melk. Een hogere relatieve fokwaarde betekent dat een dier genetisch gezien minder methaan produceert bij een vergelijkbaar productieniveau.
Onderzoekers wilden weten of die voorspelling ook overeenkomt met de werkelijke methaanuitstoot. Daarvoor vergeleken ze de fokwaarden van gegenotypeerde koeien met zowel de via MIR voorspelde methaanproductie als met rechtstreekse metingen met GreenFeed-apparatuur. Daarbij bleek een duidelijk verband. Naarmate de fokwaarde voor methaanefficiëntie hoger was, nam de methaanuitstoot af. Ook bij de rechtstreekse GreenFeed-metingen stootten koeien uit de genetisch gunstigste groep significant minder methaan uit dan dieren uit de laagste groep.
Volgens de onderzoekers bevestigen de resultaten dat de Canadese fokwaarde onderscheid kan maken tussen koeien met een hogere en lagere genetische aanleg voor methaanproductie. Daarmee kan fokkerij een structurele bijdrage leveren aan het terugdringen van de methaanuitstoot van melkvee.
Lactanet becijferde eerder dat iedere vijf punten hogere RBV voor methaanefficiëntie bij een stier overeenkomt met ongeveer 3 kg minder methaanuitstoot per dochter per jaar. Via genetische selectie zou de methaanuitstoot per koe op langere termijn met 20 tot 30 procent kunnen dalen.
Bron: Sciencedirect






