Algemeen

Twee jaar doormelken financieel vergelijkbaar met jaarlijks afkalven

Melkkoeien die eens in de twee jaar afkalven, kunnen een vergelijkbaar economisch resultaat behalen als koeien die jaarlijks afkalven. Dat blijkt uit een driejarige proef van de Nieuw-Zeelandse onderzoeksorganisatie DairyNZ. Het systeem kan bovendien de arbeidspieken rond het afkalven en insemineren verminderen.

De onderzoekers van DairyNZ vergeleken op proefbedrijf Scott Farm in de regio Waikato twee bedrijfssystemen. In het traditionele systeem kalfden alle melkkoeien jaarlijks in het voorjaar af. In het alternatieve systeem werd elk jaar slechts de helft van de koeien geïnsemineerd, waardoor de dieren een afkalfinterval van ongeveer 24 maanden hadden. De koeien werden daardoor langer doorgemolken.

Uit de proef blijkt dat de bedrijfseconomische resultaten van de Holstein-Friesiankoeien in het systeem met langdurige lactaties varieerden van 3 procent lager tot 4 procent hoger dan in het traditionele systeem. Ook was de productie aan kilogrammen vet en eiwit per hectare in het systeem met langdurige lactaties hoger. Dit betekent dat het bedrijf met langdurige lactaties per hectare landbouwgrond meer kilogrammen melkvet en melkeiwit produceerde dan het bedrijfssysteem waarin alle koeien jaarlijks afkalfden. In Nieuw-Zeeland wordt de melkproductie vaak uitgedrukt in kilogrammen vet en eiwit per hectare, omdat melkveehouders vooral op basis van deze melkbestanddelen worden uitbetaald. Volgens onderzoeksleider Lydia Farrell laten de resultaten zien dat langdurig doormelken voor sommige melkveebedrijven een economisch haalbaar alternatief kan zijn.

Minder kalveren

Een belangrijk voordeel van het systeem is dat jaarlijks minder koeien afkalven. Daardoor zijn er minder afkalfmomenten en inseminaties nodig. Ook worden minder kalveren geboren die niet nodig zijn voor de vervanging van de melkveestapel. Volgens DairyNZ kan het aantal overtollige kalveren met bijna 60 procent afnemen.

Daar staat tegenover dat de koeien langer melk blijven produceren en daardoor ook tijdens perioden waarin ze normaal gesproken droogstaan, voer nodig hebben. In het eerste proefjaar was gemiddeld 180 kg extra droge stof per koe nodig. De onderzoekers benadrukken daarom dat de beschikbaarheid en kosten van voer belangrijk zijn voor het uiteindelijke financiële resultaat.

Verschillen tussen koeien

Naast Holstein-Friesiankoeien onderzocht DairyNZ ook de mogelijkheden bij Jerseys. De eerste resultaten laten zien dat er aanzienlijke verschillen tussen individuele dieren bestaan. Sommige koeien beëindigden hun lactatie eerder dan verwacht, terwijl andere veel langer melk bleven geven. Bijna de helft van de Jerseys werd zestig dagen voor de geplande afkalfdatum nog gemolken.

DairyNZ onderzoekt daarom verder welke koeien het meest geschikt zijn voor langdurige lactaties. Ook wordt gekeken naar de gevolgen voor de voerbehoefte, arbeidsinzet en rentabiliteit op commerciële melkveebedrijven.

WhatsAppDelen met vrienden / collega's via WhatsApp
Over de auteur: Jasper Lentz
Jasper Lentz (1989) is geboren in Hardenberg (Ov.) en is opgegroeid in het Drentse dorp Dalen. Na de studie Journalistiek is hij in 2013 aan...
Meer over:
Algemeen

Elite Nieuwsbrief

Nieuwsbrief Wil je ook de wekelijkse nieuwsbrief ontvangen en op de hoogte blijven van de ontwikkelingen op het gebied van melkvee?