DCRC-congres: vruchtbaarheidsstrategie

Op het jaarlijkse congres van de Dairy Reproduction Council (DCRC) troffen 350 vruchtbaarheidsspecialisten elkaar medio november en stond alles in het teken van informatie-uitwisseling. Elite was aanwezig.

In een reeks online artikelen vat Elite de presentaties van een zestal specialisten samen. De derde en vierde presentatie worden in dit artikel samengevat en zijn gegeven door van Alta Genetics en door David Galligan van PennVet.

Jon Holewinski: de beste vruchtbaarheidsstrategie

In het kader van strategisch vruchtbaarheidsmanagement zou je jezelf de volgende vragen moeten stellen:

  • Wat zijn de kosten van een managementmaatregel? Met welke ‘return on investment’ (ROI) kun je rekenen?
  • Past de maatregel voor alle koeien? Er mag niet één dier worden uitgezonderd op de maatregel.
  • Zijn de benodigde hulpmiddelen en of technieken die nodig zijn probleemloos te gebruiken door de dierverzorgers en ondersteunen ze in het bereiken van het doel?

Zonder team dat goed op elkaar is ingespeeld, is een goede koppelvruchtbaarheid niet haalbaar. Zo’n team vraagt om goede scholing, regelmatige training en feedback. Ieder vruchtbaarheidsteam heeft een topleider nodig. Dat kan de herdmanager zijn, maar ook de voeradviseur, een inseminator of de dierenarts.

Belangrijk: nooit afgaan op buikgevoel. Als het management wordt verandert, moet dat altijd gebeuren op basis van cijfers. Om afwijkingen in de vruchtbaarheidsresultaten juist te classificeren moeten maandelijks de veranderingen van het stalklimaat, de voedingsgegevens, het gebruik van KI-stieren en de inseminators worden vastgelegd.

Het vruchtbaarheidsteam moet vier keer per jaar bijeenkomen om de data en bereikte resultaten te bespreken. Gebruik hierbij ook de data uit het managementpakket (trends inesmination rate, conception rate en pregnancy rate en percentage koeien dat 4 tot 17 dagen na de inseminatie weer tochtig gesignaleerd wordt.

David Galligan: zo snel mogelijk insemineren

Goede vruchtbaarheid van de koppel geldt als een belangrijke Key Performance Indicator (Kengetal dat in grote mate invloed heeft op:

  • Het vervangingspercentage
  • De hoogte van de gemiddelde koppelproductie
  • De samenstelling van de veestapel (percentage jongvee
  • En zodoende ook het economische bedrijfsrendement.)

De eerste inseminatie zo kort mogelijk na de afkalving laten plaatsvinden en zo snel als mogelijk daarna drachtigheidsonderzoek doen om indien nodig zo snel mogelijk opnieuw te insemineren, is een effectieve strategie. Het doel: de beste koeien (meerdere lactaties) zo snel mogelijk weer insemineren om de koppel nieuwmelkt te houden. Dat maakt het mogelijk om de fase van maximale melkproductie zo lang mogelijk te maken. Eventueel kan tochtsynchronisatie worden toegepast. Zeer hoogproductieve koeien kunnen eventueel langer gust gelaten worden.

Tip: hoe hoger de pragnancy-rate, des te rendabeler het koppel is.

Tekst en foto’s: Gregor Veauthier

Interessant? Deel dit via:
Facebook Twitter LinkedIn Email