Veevoer

Opnieuw mengen en inkuilen: invloed op voederwaarde

Mais, droge producten en bijproducten mengen en opnieuw kuilen. Het gebeurt nogal eens. Welke invloed heeft mengen en opnieuw kuilen op de voederwaarde? ILVO, het Belgische Instituut voor Landbouw-, Visserij-, en Voedingsonderzoek zocht het uit.

Maiskuil kan gemengd worden met voederbiet. Daarbij wordt een drogestofpercentage van 28 nagestreefd. Er wordt dan gerekend met een mengsel van 1 ha biet en minimaal 4,5 ha mais (120 ton biet a 15% drogestof / 50 ton/ha a 35% drogestof). Volgens onderzoek van de ILVO is dit mengsel positief geëvalueerd. Zo is er een langere bewaarduur, jaarrond voeren en positieve productieresultaten. Nadelig is het feit dat de bieten waarschijnlijk te vroeg gerooid moeten worden.

De mogelijke mengcombinaties die ILVO opsomt:

  • Voederbiet – perspulp. Verhouding 40-50% voederbiet (afhankelijk van drogestofgehalte) en 60 tot 50% perspulp op vers gewicht;
  • Voederbiet – voordroogkuil. Verhouding van  30 – 40% voederbiet en 70 tot 60% voordoogkuil gemengd met mais.

In tweede instantie kunnen ook mengsels met droge mengproducten overwogen worden. Het ILVO noemt daarbij droge bietenpulp, droge cichoreipulp en palmpitschilfers. De verhouding waarmee gewerkt wordt 70% -80 % voederbiet op 30-20% droge mengproducten op vers gewicht. Een hoger aandeel bieten is alleen te overwegen bij  suikerbiettypes met een drogestofgehalte hoger dan 20%.

Tegenvallende resultaten

De samenstelling van een mengkuil wordt berekend met als doel de gewenste voederwaarde. Echter, de resultaten van een mengkuil vallen vaak tegen omdat bij het opnieuw inkuilen een deel van de voederwaarde verloren gaat. Dat komt omdat organische stof en vooral suikers worden afgebroken tot melkzuur en azijnuur, maar onder minder goede omstandigheden ook in water en CO2. Dat betekent dus een verlies aan drogestof. Het ILVO adviseert te beginnen met een iets droger mengsel, vooral bij opnieuw kuilen. Bij een droger mengsel worden ook minder suikers omgezet. Bij opnieuw kuilen gaat, voordat de kuil weer stabiel is, ook eiwit verloren. Het verlies aan ruw eiwit kan oplopen tot 20 procent. Opnieuw inkuilen heeft weinig invloed op het zetmeelgehalte. Omdat het drogestofgehalte zakt, stijgt logischerwijs het aandeel zetmeel per kg drogestof.

Als de samenstelling correct gebeurt, de mengkuil wordt goed aangereden en alle elementen aanwezig zijn voor een goede fermentatie, zijn kuiladditieven volgens het ILVO in principe overbodig. (Bron: ILVO)

Over de auteur: Jasper Lentz
Jasper Lentz (1989) is geboren in Hardenberg (Ov.) en is opgegroeid in het Drentse dorp Dalen. Na de studie Journalistiek is hij in 2013 aan...
Meer over: Veevoer
Deel dit bericht: Facebook Twitter LinkedIn

Blijf op de hoogte

Nieuwsbrief Meld u aan voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van de ontwikkelingen op het gebied van melkvee.